• Liza

Aan het woord: Annelinde Vandenbroucke ontving 50.000,- om aan wetenschapscommunicatie te besteden

Bijgewerkt op: jul 25

De roep om kennis te delen met een breed publiek wordt steeds luider. Maar waar haal je als wetenschapper de tijd en de middelen vandaan om dat ook daadwerkelijk te doen? Daar wringt de schoen. Als wetenschapper krijg je te horen dat wetenschapscommunicatie belangrijk is, maar tegelijkertijd wordt het nog niet beschouwd als vaste activiteit binnen het takenpakket van onderzoekers. Het is dus niet verwonderlijk dat wetenschapscommunicatie vaak verdrongen wordt door onderzoek, onderwijs, beursaanvragen en managementtaken. Gelukkig lijkt hier langzaam verandering in te komen, mede dankzij een nieuwe wetenschapscommunicatiebeurs.


Vorig jaar initieerde NWO een nieuwe beurs die volledig is gericht op wetenschapscommunicatie. De call van 2020 bevatte een budget van in totaal 1 miljoen euro. Het doel van deze beurs? Wetenschappers stimuleren zich in te zetten voor wetenschapscommunicatie en in het bijzonder zich te richten op doelgroepen die niet vanzelfsprekend met wetenschap in aanraking komen. In totaal werden 117 aanvragen ingediend waarvan 16 projecten werden toegekend. De projecten varieerden van een ‘reizend lab’ tot een augmented reality-project en vodcasts (videopodcasts).


Ook het project van Annelinde Vandenbroucke, werkzaam aan de Universiteit Leiden, werd gehonoreerd. Met het project ‘NeuroLabNL Young: wetenschapscommunicatie voor en door jongeren’ wil zij wetenschappelijke kennis over jongeren toegankelijk maken voor jongeren waarbij de vertaalslag grotendeels door jongeren zelf wordt gemaakt.


Ik wilde er meer van weten en stelde haar een aantal vragen over het project.


Kan je wat meer vertellen over wat het wetenschapscommunicatie-project inhoudt?


‘Het project waar we financiering voor hebben gekregen is een verlengde van de NeuroLabNL Startimpuls. Dat is een grootschalig onderzoeksproject gericht op jongeren. De afgelopen jaren hebben onderzoekers binnen dit project de relatie tussen hersenontwikkeling en thema’s zoals motivatie op school, aandacht, het leren van een tweede taal, antisociaal gedrag, sociale stress en buitensluiting onderzocht. Tijdens het onderzoek is al veel wetenschappelijke kennis gedeeld met volwassenen, met name met professionals die met jongeren werken, zoals docenten, jeugdzorgmedewerkers en beleidsmakers, maar er is nog weinig kennis gedeeld met de jongeren zelf.


‘Aangezien ons onderzoek over jongeren gaat, wilden we heel graag een wetenschapscommunicatie-plan voor jongeren zelf opzetten. We zijn uiteindelijk tot een project gekomen waarin twee jongeren-ambassadeurs gedurende 1,5 jaar wetenschappers gaan helpen met het verspreiden van kennis onder jongeren zelf. Samen met andere geïnteresseerde jongeren kiezen de ambassadeurs de meest relevante thema’s binnen ons onderzoeksproject uit en bedenken wat jongeren hierover zouden willen weten. Vervolgens maken ze content voor op social media. Ook ontwerpen we samen met de jongeren communicatieproducten die jongeren écht aanspreken en stellen we een ‘Jongeren Wetenschapsagenda’ op met daarin vragen van jongeren aan de cognitieve neurowetenschap.’


‘Aangezien ons onderzoek over jongeren gaat, wilden we heel graag een wetenschapscommunicatie-plan voor jongeren zelf opzetten.’

‘Een belangrijk doel van het project is dat we álle jongeren in Nederland willen bereiken, niet alleen degene die door hun opleiding al in aanraking komen met informatie over hersenontwikkeling. We betrekken daarom voor het ontwerpen van de inhoud en vorm van de communicatieproducten jongeren van zowel praktisch als theoretisch onderwijs, zodat de output van ons project bij iedereen aansluit.’


Waarom vind je het belangrijk om kennis te delen met jongeren?


‘In het algemeen vind ik het belangrijk dat alle jongeren toegang hebben tot wetenschap, zodat ze het belang ervan inzien, maar ook omdat ze er zelf iets aan kunnen hebben. Daarnaast vind ik het belangrijk om de doelgroep van ons onderzoek te informeren over de uitkomsten: het onderzoek gaat immers over hen. Ook denk ik dat jongeren meer over zichzelf en hun gedrag kunnen leren door ze te vertellen over wat wetenschappelijk onderzoek daarover heeft ontdekt. Ik denk dat deze kennis jongeren helpt zichzelf beter te begrijpen. Als je jezelf beter begrijpt, kan dat in mijn optiek je mentaal welzijn vergroten. Op de lange termijn kunnen jongeren hopelijk met die kennis meer weloverwogen keuzes maken.’


‘In het algemeen vind ik het belangrijk dat alle jongeren toegang hebben tot wetenschap, zodat ze het belang ervan inzien, maar ook omdat ze er zelf iets aan kunnen hebben.’

Heb je een tip voor wetenschappers die overwegen een aanvraag in te dienen?


‘De aanvraag is vooral gericht op het bereiken van een nieuwe doelgroep, die niet vanzelfsprekend in aanraking komt met wetenschappelijke informatie. Daarnaast is het sterk als je een nieuwe vorm van communicatie voorstelt, of een verbetering van een reeds bestaande vorm. Het gaat echt om innovatie. Ook denk ik dat het een sterk punt is als je de doelgroep betrekt bij de ontwikkeling van de wetenschapscommunicatie-activiteit en de manier waarop je dit doet ook echt goed uitwerkt. Dus niet alleen ‘een focusgroep organiseren’, maar ook nadenken over hóe de bijdrage van de doelgroep precies wordt verwerkt en wat dit toevoegt aan het toegankelijk maken van wetenschappelijke kennis.’


Ben jij wetenschapper en zou je graag meer willen doen met het delen van wetenschappelijke kennis met een algemeen publiek? Check dan de website van NWO voor de details van de call van dit jaar. En zoek je een samenwerkingspartner die kan helpen bij het ontwikkelen van een innovatief plan voor wetenschapscommunicatie? Dan denk ik graag met je mee!


135 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven