• Liza

De leesbaarheid van wetenschappelijke publicaties holt achteruit

Bijgewerkt: jun 28

‘Distinct’, ‘significant’, ‘influence’, ‘robust’, ‘novel, ‘underlying’. Het zijn voorbeelden van termen die vaak voorkomen in wetenschappelijke publicaties. Onderzoek laat zien dat het gebruik van dit soort ‘algemeen wetenschappelijk jargon’ de laatste jaren steeds meer toeneemt. En dat is problematisch. Omdat op deze manier wetenschappelijke artikelen steeds minder toegankelijk worden voor een breder publiek.


In 2017 publiceerden onderzoekers een interessant artikel over de leesbaarheid van wetenschappelijke publicaties. Daarvoor onderzochten zij de abstracts van meer dan 700.000 PubMed-artikelen gepubliceerd tussen 1881 en 2015. Om de leesbaarheid van de abstracts te kunnen bepalen, brachten de onderzoekers het totaal aantal woorden in kaart, maar ook de hoeveel lettergrepen per woord, het aantal woorden per zin en het percentage ‘moeilijke’ woorden.

Leesbaarheidsscore

Zo rolde er per abstract een zogenaamde ‘leesbaarheidsscore’ uit. Om je een idee te geven: een score van 100 geeft aan dat de tekst leesbaar is voor een kind van ongeveer 10-11 jaar oud. En een score tussen de 0 en 30 komt overeen met het leesniveau van iemand die afgestudeerd is aan de universiteit. Wat bleek? In 1960 had 14% van de abstracts een score van onder de 0. Dit betekent dat het leesniveau ver boven het niveau van de gemiddelde afgestudeerde student aan de universiteit ligt. In 2015 was het percentage abstracts met een score lager dan 0 toegenomen tot 22%. Hoewel de onderzoekers zich uitsluitend richtten op de leesbaarheid van abstracts, vonden ze een duidelijke samenhang tussen de leesbaarheid van het abstract en de rest van het artikel.

Je ziet hier afbeeldingen van allerlei verschillende oude teksten
In de afgelopen jaren is de leesbaarheid van wetenschappelijke publicaties achteruitgegaan.

‘In group’ en ‘out group’

Binnen de wetenschap is het gebruik van jargon algemeen geaccepteerd. En natuurlijk zijn complexe termen niet altijd te vermijden. Maar wetenschappers realiseren zich wellicht niet altijd dat een te veel aan algemeen wetenschappelijk jargon een grote groep mensen buitensluit. Geïnteresseerden, zoals journalisten en beleidsmedewerkers, hebben op deze manier steeds moeilijker toegang tot wetenschappelijke kennis. Er ontstaat dus eigenlijk een steeds duidelijker onderscheid tussen ‘in group’, de wetenschappers, versus ‘out group’, mensen buiten de wetenschap. En dat is een situatie die niet acceptabel zou mogen zijn.


Waarom dan toch? Het is lastig anders over onderzoek te schrijven wanneer je als (jonge) wetenschapper alleen maar voorbeelden ziet vol met jargon. Daarbij worden wetenschappers nauwelijks getraind in het toegankelijk opschrijven van wetenschappelijke inzichten en resultaten. Een goede reden om wetenschapscommunicatie vast onderdeel van de opleiding tot wetenschapper te maken. Het zou ook helpen als toegankelijk wetenschappelijk schrijven meer gewaardeerd zou worden. De auteurs van het genoemde artikel beschrijven de zogenaamde ‘r-index’ of ‘readability-index’. Daarmee kan per artikel een indicatie voor de leesbaarheid ervan worden aangegeven. Dat zou ertoe kunnen leiden dat wetenschappers in de toekomst niet alleen beoordeeld worden op hun ‘h-index’ (een index voor de wetenschappelijke impact van publicaties), maar ook op hun ‘r-index’. Wat mij betreft een significant novel and robust idea…